Blog

Opinie: Gebrek aan lange termijn besluitvorming zet Nederland onder hoogspanning

Het elektriciteitsnet zit vol en de grootste oorzaak is bekend. Recent achterhaalde Nieuwsuur dat de Autoriteit Consument en Markt (ACM) zich de afgelopen decennia als een ‘fundamentele noodrem’ heeft opgesteld. Daardoor kregen netbeheerders de financiering voor de verbetering van onze stroom-infrastructuur niet rond. De energiecrisis is het zoveelste schrijnende voorbeeld van het institutionele onvermogen om langetermijnvisie te integreren in beleidsvorming, met in dit geval de energietransitie, het woningtekort, en de duurzaamheidsambities als kind van de rekening.

Hoog tijd om korte termijn efficiëntie minder leidend te maken en lange termijn denken meer te institutionaliseren. Laten we een Derde Kamer in het leven roepen, die als visionaire macht verantwoordelijk wordt voor het structureel welbevinden van collectieve sectoren.

Duurzaam Beleid

Het is een dossier waar ik me al enige jaren over verbaas. Nederland heeft te maken met een nijpend tekort aan stroom. Recent maakte hoogspanningsnetbeheerder Tennet bekend dat er nog meer gebieden bij zijn gekomen waar het elektriciteitsnet vol zit. Met al ruim 6.700 bedrijven en maatschappelijke instellingen op de wachtlijst is de vraag naar aansluitingen vele malen groter dan het aanbod. Woningbouw-projecten liggen stil, verduurzamingstrajecten en duurzaamheids-ambities van steden en industrieën kunnen de prullenbak in, en branche-organisaties luiden de noodklok omdat het stroomnet een rem vormt op de economische groei.

Tegelijkertijd speelt hetzelfde probleem aan de aanbod-zijde, want er kan ook geen kilowatt aan duurzaam opgewekte elektriciteit meer bij op het net. De netbeheerders, die verantwoordelijk zijn voor het stroomnet in Nederland, riepen het Rijk afgelopen januari nog wanhopig op om te stoppen met het subsidiëren van zonnepanelen. En ook voor duurzame energie-projecten op industriële schaal is de deur op slot: er kunnen geen nieuwe windmolen- en zonneparken meer worden aangesloten.

Hoe kan er zowel een vraag- als een aanbods overschot bestaan in een sector die door de wetten van marktwerking zou moeten worden gereguleerd? Zagen netbeheerders niet aankomen dat het stroomnetwerk best wel eens een cruciale rol zou kunnen gaan spelen in de energietransitie? Dachten ze dat elektrische auto’s en warmtepompen maar een vluchtige trend waren? Kwamen de Europese richtlijnen voor het gebruik van hernieuwbare energie van de lidstaten misschien sinds 2009 toevallig in de spambox terecht?

Efficiënt

Recent kwam er een gedeeltelijk verklaring. Uit een reconstructie van Nieuwsuur bleek dat de Autoriteit Consument en Markt (ACM), die als regulerings-orgaan voor de netbeheerders fungeert, netbeheerders dwingt een infrastructuur te creëren die zo strak mogelijk past. Beleid is en was gericht op “het voorkomen van investeringen die achteraf niet nodig blijken te zijn”, zoals  ACM-voorzitter Martijn Snoep het verdedigt in de publicatie. De ACM blijkt te bepalen hoeveel netbeheerders kunnen investeren in uitbreiding van het elektriciteitsnet. En die investeringen kunnen pas worden goedgekeurd als vaststaat dat nieuwe aansluitingen ook daadwerkelijk gebruikt worden. Dit bleef de ACM doen, ondanks vroegtijdige waarschuwingen van externe, onafhankelijke adviesorganen (de WRR in 2008, PWC in 2012) en wetswijzigingen.

Grens bereikt

Niets ten nadele van de ambitie zo efficiënt mogelijk te investeren uiteraard, maar dat een instantie met een wereldbeschouwing van korte termijn efficiëntie zoveel zeggenschap heeft over een collectieve sector is absurd. Zeker als die zo instrumenteel is voor de transitie naar een houdbare, duurzame toekomst als onze belangrijkste energie-infrastructuur. Maar het is geen uitzondering. Bij vrijwel alle recente crises in dit land ligt dezelfde oorzaak ten grondslag: het onvermogen om langetermijnvisie te integreren in de besluitvorming. Denk bijvoorbeeld terug aan het tekorten aan IC bedden, kijk naar de worsteling om snel in te grijpen in de stikstofuitstoot, en zie de naderende uitdagingen bij onze waterhuishouding.

Tijd voor een Derde Kamer

Het is hoog tijd om een nieuwe machtsbalans aan te brengen die in staat is tegenwicht te bieden aan het institutionele onvermogen om vanuit de lange termijn te redeneren en te acteren. Als collectieve sectoren en organen alleen vanuit een perspectief van marktwerking en efficiëntie worden aangestuurd, zonder dat er ruimte is om grote trends en onverwachte externe factoren mee te nemen in de besluitvorming, dan is het niet de vraag of, maar wanneer de ellende uitbreekt.
Maar hoe moet institutionaliseer je meer langetermijnvisie? Laten we aan de wetgevende, uitvoerende en controlerende macht nog een vierde dimensie toevoegen. De Visionaire Macht, die verantwoordelijk is voor het lange termijn beleid en welbevinden van collectieve sectoren. Waar we eens in de 10 jaar voor naar de stembus gaan. Een orgaan dat los staat van partijpolitiek en initiërend en leidend is in het beleid dat gevoerd wordt in collectieve sectoren. En daarbij ook ruimte heeft om te kijken naar out-of-the-box optimalisatie oplossingen. Zoals Smart Energy Hubs, waarin het overschot aan opgewekte energie op lokaal niveau wordt omgezet in direct bruikbare buffers, zoals waterstof en zuurstof. 

 

 

Bereidheid is groot

De daadkracht en het innovatievermogen in Nederland zijn enorm. Dat zag je in de zorgsector tijdens corona, en dit laat de reconstructie van Nieuwsuur ook duidelijk zien. Waar er in 2014 nog voor ongeveer 1 Gigawatt (GW) aan zonnepanelen op de Nederlandse daken lag was dat in 2021 al ruim 14,4 GW, zo blijkt uit cijfers van PwC. Nederland is wereldwijd ondertussen de nummer 2 in hoeveelheid opgewekt zonvermogen per inwoner, na Australië. Aan het vermogen op korte termijn collectief te stimuleren en uit te voeren ligt het dus niet. Nu alleen nog een systeem waarmee we op de lange termijn vruchten kunnen plukken van deze kracht.